Producers/songwriters Thomas McElroy en Denzil Foster hielden in 1988 audities in Oakland, Californië, met de bedoeling om met een meidengroep een album op te nemen bij Atlantic Records. Ze zochten naar een stijl die anders en beter zou zijn die van andere damesgroepen en tegelijkertijd een grote klasse en bekoorlijkheid zou uitstralen. Na de audities bleken Cindy Herron, Maxine Jones, Terry Ellis en Dawn Robinson de perfecte line-up.

Eigenlijk wilden ze maar drie meisjes, maar de harmonie en de vonken tussen deze vier wisten Thomas McElroy en Denzil Foster te overtuigen om ze alle vier aan te nemen. Ze hadden allemaal acteer- en zangcarrières in de 80er jaren. De originele bedoeling was om de groep de naam ‘For You’ te geven, maar ze wilden een naam die meer gratie en klasse zou uitstralen. Er werd gekozen voor het sierlijkere En Vogue. De groep haalde zijn muzikale inspiratie bij eerdere artiesten zoals The Surpremes, Andrew Sisters, Sister Sledge en The Emotions. Toch werd er bij En Vogue geen front-lady naar voren geschoven, zoals dat standaard was bij andere groepen.

In 1990 verscheen het eerste album Born To Sing. De single Hold On bereikte meteen de top van alle hitlijsten en werd gewaardeerd door een groot pop en r&b-publiek. Ook de daarop volgende single Lies werd een grote hit en tegen de tijd dat You Don’t Have To Worry uitkwam, kreeg het album platinum. Don’t Go werd als vierde single uitgebracht en de vier video-clips kregen een artistiekere en stijlvollere uitstraling dan men gewend was van dance-diva-videoclips. In 1991 werd En Vogue vijf keer genomineerd voor de Soul Train Music Awards en Hold On won als ‘Beste single van een band of groep’. Ze waren ook genomineerd voor een Grammy Award voor de ‘Beste r&b-performance van een duo of groep’.

Eén jaar na Born To Sing werd Remix To Sing uitgebracht. Een album met zes nummers, waarvan vijf remixen van Born To Sing plus het kerstnummer Silent Night. Ondertussen verscheen En Vogue overal. Tijdschriften, films, tv-shows en reclamefilmpjes besteedden veel aandacht aan de groep.

Na twee jaar was het tijd voor iets nieuws. Funky Divas werd het antwoord op de vraag naar meer succes. Een album dat schaamteloos de harde kant van de dames liet zien, en in z’n geheel nóg meer glitter en glamour uitstraalde dan zijn voorganger. De eerste single My Lovin (You’re Never Gonna Get It) werd vanaf het eerste moment een smash-hit en werd genomineerd voor ‘Beste r&b song van het jaar’ bij de ‘National Academy of Recording Arts and Sciences’.
De volgende single Giving Him Something He Can Feel, een ballad van Curtis Mayfield, klonk nog poeslief, maar bij hun derde hit Free Your Mind was duidelijk dat ze geen katjes waren om zonder handschoenen aan te pakken. De daaropvolgende singles Give It Up, Turn It Loose en Love Don’t Love You deden het minder goed in de hitlijsten, maar stonden op hetzelfde hoge niveau als hun voorgangers.

Met Funky Divas hadden ze duidelijk een nieuwe richting ingeslagen, die nog door geen enkele andere artiest bereikt was, dit alles door r&b, jazz, funk, rap en rock te mengen. Elke single werd begeleid door een originele en sensuele video-clip die elk een andere kant van En Vogue toonde. De videoclip van Free Your Mind verdiende zelfs vier awards op de ‘Music Video Producers Association Awards’. Funky Divas stond bovenaan de lijst bij vele critici en ontving in 1993 de ‘American Music Award for Soul/R&B album of the year’. De groep zelf verscheen ook steeds meer op televisie in programma’s zoals In Living Color en Saturday Night Live.

Ze zongen het themalied in voor de ABC-series “Hello Mr. Cooper” en waren te zien in de film ‘Batman Forever’. In 1993 verscheen Runaway Love, een album met zes nummers gewijd aan hun fans. Op het album waren 3 remixen van Funky Divas te vinden, de titelsong Runaway Love en Whatta Man, een project samen met het rap-trio Salt ‘n’ Pepa. De beide nieuwe songs werden hits, en vooral Whatta Man kreeg , een jaar later, grote wereldwijde waardering en werd beloond met verscheidene ‘Video Music Awards’.

Na hun grote succes van de afgelopen vier jaar, besloot En Vogue om een pauze in te lassen. Cindy trouwde met Glenn Braggs en werd zwanger. Ook Maxine beviel van haar eerste kind, terwijl Dawn nummers ging schrijven.

De groep kwam in 1996 terug om samen een nummer op te nemen voor de sound-track van de film ‘Set It Off’. Het schitterende resultaat hiervan is te horen in de grootste hit uit de volledige En Vogue-geschiedenis. Don’t Let Go (Love). Het leverde niet alleen een succesvolle bijdrage aan de film, maar werd ook een wereldberoemde klassieker. Na dit onverwachte gigantische succes besloten de meiden dat het het juiste moment was voor een nieuw album. Helaas verliep dit niet zonder problemen. Dawn verliet in 1997 de groep en En Vogue bleef nog als trio over. Voor het nieuwe album, moesten de vokalen van sommige nummers opnieuw worden ingezongen om de stem van Dawn te vervangen. Ook de titel van het album Friendship moest worden verwijderd. Het werd vervangen door het weinig originele EV3, hetgeen duidde op de derde full-cd en natuurlijk op de bezetting, die nog maar uit drie dames bestond.

Geheel onverwacht kwam het trio in 2000 terug met hun vierde album Masterpiece Theatre. Dit was het opmerkelijkste album van En Vogue geworden. In verschillende nummers op het album werd gebruikgemaakt van klassieke muziekstukken, die door stuwende R&B-ritmes omgetoverd werden tot pareltjes van songs. Helaas werd er maar één single van uitgebracht, Riddle en dat werd alleen een grote hit in Europa.

Kort nadat Masterpiece Theatre uit de hitlijsten verdween, werd En Vogue gedumpt door hun platenmaatschappij ‘Elektra’ en besloot Maxine om uit de groep te stappen zodat ze meer tijd met haar familie kon door brengen. Een andere reden was, dat ze Dawn miste. In 2002 werd er opnieuw een album opgenomen, dit keer samen met Amanda. The Gift Of Christmas kwam uit op het einde van het jaar, en bevatte veel covers van bestaande kerstnummers. Net zoals bij Masterpiece Theatre was de promotie minimaal, en werd het album vooral over het internet verkocht. Hierna hield ook Amanda het weer voor bekeken, en verliet En Vogue omdat ze solo wilde gaan en om haar eigen songs te gaan schrijven. Maxine en Dawn waren niet van plan om terug in de groep te komen, en nadat En Vogue in de eerste helft van 2003 als een duo verder ging, werd in het najaar aangekondigd dat ze een nieuw lid gevonden hadden om Amanda te vervangen.

De 21-jarige solo-artiste Rhona Bennett, die in 2001 een hit had met Satisfied, had alles om perfect bij En Vogue aan te sluiten. Het leek erop dat de succes-periode van En Vogue voorbij was omdat ze sinds 1997 enkel de ene flop na de andere uitbrachten. In 2004 komt het album Soulflower uit, hun vijfde grote album. Het nummer Losin’ My Mind werd als test-single naar de radiostations gestuurd en werd in begin 2004 de meest gevraagde hit op ‘AC Radio Stations’ in Amerika.

Het album werd uitgebracht (om onduidelijke redenen alleen in de Verenigde Staten) en Ooh Boy werd als eerste officiële single gekozen. Een modern R&B-nummer dat een van de grootste hits van 2004 in de USA werd.

In januari 2008 treedt En Vogue 8 keer samen met Natalia & Shaggy op in het Antwerpse Sportpaleis (Natalia meets En Vogue feat. Shaggy), later dat jaar kwam Dawn Robinson officieel terug in de groep.